Hieronder een verslag van de demontage van de kop en de daarbij aangetroffen
problemen. Click hiernaast op 'Kop revisie' om te zien hoe het geworden is.
Na het uitlaatspruitstuk waren de startmotor, de
waterpomp en het achterdeksel van de koeling aan de
beurt.
Daarna verder met het
kleppendeksel ...
... de tuimelaars, de tuimelaarassen en de
stoterstangen. De
schroefdraad van een tapeinde van één van de kleptuimelaars is kapot
waardoor de moer niet meer pakt.
Alles is nu los en de kop kan worden verwijdert. Daarna de kleppen verwijdert. De tang die ik daarvoor had bleek
maar op twee kleppen te passen door de schuine stand van de kleppen. Voor het verwijderen van de andere kleppen
heb ik daarom een ouderwetse manier gebruikt. Een dikke poetsdoek onder de kop
in de ruimte van de verbrandingskamer om de kleppen tegen te houden en een dop 19 op de klepschotel, en
met een paar ferme tikken breken de halve maantjes los en kan de klep worden
verwijder.
Alle kleppen zijn zwaar aangekoekt. De uitlaatkleppen zijn zó ernstig aangetast
dat ze waarschijnlijk moeten worden vervangen. Ook de inlaatkleppen zijn
aangetast, maar het verschil in temperatuur is duidelijk uit het gemak
waarmee ik deze kleppen schoon krijg. Hiernaast de aanslag die van de
inlaatkleppen af kwam.
Hier een indruk van de staat van de kleppen nadat de
koolaanslag was verwijdert.
Bij meting met een
micrometer bleken de kleppen bij lange na niet meer aan de specificaties te voldoen. Verdere aanwijzing
dat de kleppen te veel ruimte hadden, kwam van het raakvlak van de klep met
de klepzetel. Alle kleppen waren hol uitgeslagen.Op de foto links is dat
goed te zien. Alleen de boven en onderkant raken de klepzetel. Het
raakvlak is hol in plaats van vlak. Daardoor is ook het opppervlak
waarlangs de warmte kan worden afgevoerd veel kleiner dan het behoort te
zijn.
Een volgend probleem is zichtbaar op de steel van deze
klep. Een ingeslagen plek in de vorm van de
tuimelaarkop. Normaal gesproken draaien de kleppen rond onder invloed van de
klepveren. De ingeslagen plek betekent dat deze klep niet draaide.
De oorzaak van deze stilstaande klep ligt in de staat
van de ring die onder de klepveren ligt. Links een vlak exemplaar.
Rechts een ingesleten exemplaar. Deze ring dient om
invreten in de veel zachtere aluminium kop te voorkomen.
Hier een kijkje in de uitlaatpoort (boven) en de
inlaatpoort (onder). Uit het feit dat de inlaatpoort koolaanslag heeft
blijkt dat de inlaatklep lekt. Deze klep is gesloten op het moment van de
verbranding en daar achter zou het dus schoon moeten zijn. Om de slijtage aan de klepgeleiders te meten werd de schacht van een 9 mm
boor gebruikt. Bijna alle klepgeleiders waren te ruim.